№ 25

Dynamische complexiteit

Een maat die de rijkdom van een verloop vat: amplitude, frequentie en spreiding in één.

Dynamische complexiteit is een maat voor tijdreeksen die de amplitude en de frequentie van schommelingen combineert met de verdeling van de meetwaarden over het bereik van de schaal. Doorgaans wordt zij berekend binnen een meeschuivend venster, zodat het verloop van de complexiteit zélf in de tijd zichtbaar wordt.

Waar een gemiddelde een reeks tot één getal platslaat, probeert deze maat juist te vatten hoe rijk en hoe veranderlijk een verloop is. Een tijdreeks die nu eens kalm, dan weer heftig beweegt, die zowel grote als kleine uitslagen kent en het hele bereik van de schaal benut, krijgt een hoge dynamische complexiteit. Een vlakke, eentonige reeks een lage. Het is, zou men kunnen zeggen, een maat voor de levendigheid van een signaal.

Het meten van een naderende omslag

De klinische waarde ligt vooral in dat meeschuivende venster. Doordat de maat het verloop van de complexiteit door de tijd weergeeft, kan zij pieken zichtbaar maken die met een kritische instabiliteit samenhangen, de onrust die aan een ordeovergang voorafgaat. In het Synergetic Navigation System van Schiepek wordt dynamische complexiteit daarom gebruikt om op grond van dagelijkse zelfmetingen naderende kantelmomenten in een therapieverloop op te sporen.

Daarbij past de kanttekening dat een maat een hulpmiddel is en geen orakel. De waarde van dynamische complexiteit zit niet in een getal op zichzelf, maar in wat het, samen met het gesprek en de klinische blik, helpt zichtbaar te maken: dat onder een ogenschijnlijk grillig verloop een betekenisvolle beweging schuil kan gaan, en dat het de moeite loont daar op het juiste moment aandacht voor te hebben.